background image
aangedaan? Zie met welk een angst en smart ik en uw vader U
opgezocht hebben.”
Op Jezus’ gelaat lag nog de ernst en Hij antwoordde:
“Waarom hebt gij naar Mij gezocht? Wist gij dan niet
dat Ik in de zaken van mijn Vader moest zijn?” (Zijn
belangen moet behartigen? Mijn opdracht
vervullen?). Doch zij verstonden het niet en alle drie begaven
zij zich aanstonds op de terugreis.
De toehoorders keken die mensen (Jozef en Maria) verwonderd
aan. Ik was zeer beangst dat zij de knaap zouden vastgrijpen,
want de meesten waren op Hem verbeten; het verwonderde mij
dan ook dat zij de H. Familie ongehinderd lieten heengaan; zelfs
ontstond er in het dichte gedrang een ruime weg voor hen.
Onder Jezus’ uiteenzetting had ik zeer veel bijzonderheden gezien
en het meeste gehoord van wat Hij geleerd had, maar ik heb het
door smarten en kommer niet al kunnen onthouden; zijn lering
verwekte in de hoogste mate de verbazing van alle
schriftgeleerden; enigen tekenden het voorval aan als een
merkwaardigheid (fasc. 10, nr. 246 en fasc. 12, nr. 394), doch ook
zag men te allen kante gemonkel en kwam allerlei leugenachtig
gepraat in omloop; de ware toedracht hielden zij verborgen; zij
spraken van een zeer onbescheiden, opdringerige knaap aan wie
men de verdiende terechtwijzing gegeven had. Wel waren zijn
talenten niet te ontkennen, maar ze dienden nog veel te worden
gepolijst.
Ik zag de H. Familie de stad weer verlaten en zich buiten haar
muren weer verenigen met een drietal mannen, een paar vrouwen
en enige kinderen; het waren mensen die ik niet kende, maar die
eveneens uit Nazareth schenen te zijn. Nu maakten zij samen nog
allerlei omgangen om Jeruzalem, kwamen o.m. bij de Olijfberg,
en vertoefden ook in de daar bestaande schone, groene
Fascikel 7
847