background image
Marta sprak met Jezus ook over Magdalena en stortte
bij Hem het verdriet van haar hart over ze uit. Jezus
troostte Marta en zegde dat Magdalena zeker tot
Hem zou komen en dat zij niet moede mochten
worden voor haar te bidden en haar te vermanen.
Om half twee kwam de H. Maagd met Joanna Chusa, met Lea,
Maria-Salome en Maria van Kleofas hier aan.
De vooruitgaande gids meldde hun nabijheid, en Marta, Serafia,
Maria Markus en Suzanna (van Jeruzalem) gingen met de nodige
gereedschappen en enige verversingen naar dezelfde zaal
(ontvangstzaal), bij de ingang van de omringende gebouwen van
het kasteel, om ze te ontvangen.
Fascikel 10
164