background image
kwam voor degenen, die naar Hem riepen en
verlangden en Hij ontmaskerde hun schijnheiligheid.
Deze Farizeeën hadden, op het bericht dat Jezus naar hier zou
komen, aan de bevolking bekend laten maken, dat de vrouwen er
zich voor wachten moesten met de kinderen op de straat te
verschijnen, de Nazareeër tegemoet te trekken en te roepen, want
geschreeuw als “Zoon van God! Christus! enz.” is absoluut
misplaatst, ergerlijk en verkeerd, daar men hier zeer goed weet
van waar Hij is en wie zijn ouders en zusters en broeders zijn.
De zieken mochten zich vóór de synagoge verzamelen en zich
laten genezen, maar om het even welk geroep, gerucht of
wanordelijkheid zouden zij niet dulden.
Ook hadden zij zelf de zieken naar hun goeddunken om de
synagoge gerangschikt, als hadden zij hier te beschikken over
alles wat Jezus zou doen.
Toen zij nu met Jezus in de stad kwamen, zagen zij tot hun grote
ergernis dat de moeders met hun kinderen om zich heen, en met
hun zuigelingen op de armen de straat vulden en dat de
kinderen hun handjes tot Jezus uitstaken en riepen: “Jezus van
Nazareth! Zoon van David! Zoon van God! Heiligste Profeet!”
De Farizeeën wilden de vrouwen en kinderen terugdrijven, maar
het was te laat en tevergeefs: zij kwamen uit alle straten en
huizen te voorschijn en de Farizeeën verlieten geërgerd het gevolg
van Jezus.
De leerlingen die rond Jezus gingen, waren ook een weinig
schuchter en bang en wensten dat het stiller, kalmer en
ongevaarlijker mocht verlopen, en ook zij wilden de kinderen
wegzenden en kwamen bij Jezus met bezwaren (tegen zijn
handelwijze) voor de dag, maar Jezus berispte hen over
hun kleinmoedigheid, wees hen achteruit en liet de
kinderen dicht rondom zich komen en was er zeer
lief en vriendelijk voor.
Fascikel 21
1843