background image
Jezus maakte in het bijzonder gewag van de grote
overwinning van Joannes bij Zijn doop; zelfs bij deze
gelegenheid had hij zich beperkt tot een eerbiedig en
(om het zo uit te drukken) ambtelijk aanschouwen
(nodig bij het uitoefenen van zijn werk); hij beheerste
zijn gevoelens, hoewel zijn hart van verlangen en
liefde bijna brak. Daarna was hij uit ootmoed nog
méér voor Hem geweken dan dat hij onder de drang
van zijn liefde naar Hem had verlangd, zijn komst
had gewenst en betracht.
Jezus te Hebron. – Oogslag op Pilatus en
Herodes.
1032.
16 januari. –
Heden zag ik Jezus in de voor- en namiddag in de
synagoge te Hebron leren. Men vierde een feest voor de
verdrijving uit het Sanhedrin van de Sadduceeën, die er onder
Alexander Janneüs de sterkste partij geweest waren535.
535 De korte nota op Alexander Janneüs in fasc. 12, nr. 400, voetnoot 159
vullen wij aan met het volgende.
Zijn vader Joannes Hyrkanus was om een belediging overgegaan van de
Farizeeën tot de Sadduceeën. Hij werd opgevolgd door zijn zoon
Aristobolus en deze door zijn broer Alexander Janneüs (103-76 vóór Chr.);
deze was de 2e zoon van Hyrkanus.
Alexander was een oorlogszuchtig, wulps en wrede koning; veroverings-
oorlogen heeft hij heel zijn leven met wisselend geluk gevoerd. Ook matigde
hij zich het hogepriesterschap aan; hij was hatelijk voor het volk dat aan de
zijde van de Farizeeën stond. Hij heeft herhaaldelijk, soms lange tijd, aan
binnenlandse onlusten het hoofd moeten bieden. Eens dat men hem in de
tempel op een loofhuttenfeest met feest-appelen bekogeld had (fasc. 18, nr.
742, voetnoot 375), terwijl hij in de tempel zijn functie als hogepriester aan
het vervullen was, liet hij 6.000 burgers om het leven brengen.
Fascikel 22
1950