background image
1035.
Hij sprak ook over Hebron en over Abraham540 en
kwam eindelijk op Zakarias en Joannes.
Over de grote heiligheid van Joannes sprak Hij
duidelijker en uitvoeriger dan ooit; Hij weidde uit
over Joannes’ geboorte, zijn leven in de woestijn; zijn
boetprediking, zijn doop, zijn getrouwheid in het
bereiden van de wegen en eindelijk van zijn
gevangenschap. Hij ging over tot de beschrijving van
het lot der profeten en van de hogepriester Zakarias,
die tussen het Heilige en het altaar vermoord werd
(Mt. 23, 35; fasc. 7, nr. 189, voetnoot 403), en van Jeremias
in de onderaardse kerker (of put) te Jeruzalem
(Jer. 37, 10-17) en van alle profeten, van wie geen
enkele aan de vervolging ontkomen is.
Bij het horen spreken over de moord op de eerste Zakarias tussen
tempel en altaar, herinnerden de aanwezige verwanten zich ook de
treurige dood van de vader van Joannes de Doper, die Herodes
naar Jeruzalem lokte en in de nabijheid in een huis liet
ombrengen. Nochtans raakte Jezus dit onderwerp niet aan.
Zakarias was vóór zijn huis vóór Joetta begraven (zie fasc. 4,
verklaring van de kaart van Hebron en omgeving); daar dringt een
grafkelder tot onder het huis.
540 Hebron en Abraham. – Onder Hebron is hier te verstaan een Bijbels
personage. In de Bijbel dragen twee personen deze naam.
Eén van hen was de derde zoon van Kehat, die de tweede zoon was van
Levi, zoon van Jakob (Lev. 6, 18).
Men kan zich afvragen of K. niet Heber (Eber) heeft bedoeld, de
oerstamvader van de Hebreeën, met wie hun afscheiding en afzondering tot
een apart godsvolk begon. Over deze Heber heeft Jezus herhaaldelijk
geleerd, of heeft K. dikwijls gesproken, (cfr. fasc. 17, nr. 664, voetnoot 311
en fasc. 18, nr. 774, Sabbatlering over Heber).
Fascikel 22
1959