background image
Jezus gaat van Regaba naar Chorazin. – Lering
aldaar. – Genezing van een doofstomme
(deze van Markus, 7, 31-37).
16 maart. –
Jezus week gisterenavond naar de woestijn ten zuiden van Regaba
en bracht de nacht daar over. Er zijn daar vele dalen met schone
weiden en schuilhoeken, en, op de vruchtbaarste plaatsen, ook
zeer vele olijfbomen. Hier vonden Hem zijn leerlingen.
Op de weg naar Chorazin, waarop ik Hem ‘s morgens zag,
verklaarde Hij aan de leerlingen waarom Hij die
jongeling niet aanvaard had. Immers, voor de leerlingen
zelf was zijn handelwijze een raadsel geweest.
Zij kwamen goed bijtijds te Chorazin aan.
1151.
17 maart. –
Jezus was heden met zijn leerlingen nog te Chorazin, dat
nauwelijks 4 uren ten zuiden van Regaba en ongeveer 3 uren ten
oosten van het Meer, boven de tolplaats van Matteüs gelegen is.
Hier wonen heidenen en Joden en er zijn vele ijzerbewerkers in de
stad. Ook naar hier was een grote menigte Hem gevolgd en zij
hadden vele bedlegerigen in de straten gelegd, waar Hij voorbij
zou komen. Hij genas verscheidene waterzuchtigen,
lammen en blinden op zijn weg naar de synagoge.
Onder hevige twist en gezannik van de Farizeeën sprak Hij op
een profetische wijze van zijn toekomstig lijden. Hij
zei dat zij niet ophielden zoenofferanden op te
dragen en niettemin vol zonden en gruwelen bleven.
Hij maakte ook gewag van de bok, die zij op het
verzoenfeest, na hun schuld op hem gelegd te hebben,
met zo grote woede en lawaai uit Jeruzalem in de
Fascikel 23
2200