background image
Maar die afstand valt niet op, want tussen haven en stad is het
land met mooie tuinen en bomen bedekt. In de haven lagen vele
schepen. Het schip waarmee zij aankwamen, kon niet dicht bij
het land komen, want de oever, als een hoge versterkingswal, liep
schuin af, en het schip kon, wegens zijn diepgang, niet tot bij de
oever komen. Het anker werd dus op enige afstand uitgeworpen.
Aan de oever lagen vele, aan kabels vastgemaakte kleine boten
gemeerd. Deze nu voeren er naartoe, namen de passagiers van de
vloot aan boord676, en werden dan bij de kabels naar de oever
getrokken.
In één van die groep dergelijke boten werd ook Jezus aan land
gebracht. In zijn scheepje waren twee joodse mannen die Hem
verwelkomden. Maar op de oever stonden nog vele andere Joden
uit de stad en allen in hun feestklederen. Zij hadden het grote
schip uit de verte zien naderen en gebruikelijk is het die Joden
welke van het paasfeest terugkeren, telkens aldus te ontvangen
(zie nr. 1202, voetnoot 634). Het waren meestendeels
hoogbejaarde mensen, huisvrouwen, dochters en kinderen,
inzonderheid de schoolkinderen met hun leraars; zij droegen
kransen en kleine wapperende wimpels en hadden fluiten; zij
droegen ook kransen aan stokken en takken en hieven een
vreugdegezang van verwelkoming aan.
Cyrinus, drie ouder broers van Barnabas en enige joodse
ouderlingen in feestklederen ontvingen Jezus en de zijnen en
brachten hen een eind ver van de haven op een liefelijk groen
terras, waar tapijten uitgespreid en wasbekkens met water
gereedgezet waren. Op tafels stonden daar ook verscheidene
676 Met kleine boten van het schip afgehaald. – Ter vergelijking: de pelgrim
Mislin bereikte Cyprus in de haven van Larnaka, vanwaar Jezus later weer
naar Palestina zal afvaren.
Ook daar kunnen grote schepen nog minder binnenvaren dan in de haven
van Salamis; hij werd door de Engelse consul afgehaald: “Hij kwam tot ons
schip met een boot en nodigde mij en enkele anderen uit om met zijn boot
aan land te komen.”
Fascikel 24
2402