background image
Aan de ene zijde ligt de wijde zee, aan de andere zijde strekken
zich schone velden uit, waarop dan woest (binnen-)land volgt.
Velen woonden ook verstrooid en anderen gingen met de
apostelen als leerlingen mee.
De H. Driekoningen waren van 3 stammen (en afkomstig uit
Perzië, Chaldea en Medië).
- De ene stam was van Abrahams vrouw Ketura.
- De tweede stam kwam voort van mensen die het gouden kalf
aanbeden en zich van Mozes en Aäron afgescheiden hadden,
toen Mozes in gramschap de wettafelen verbrak;
- de derde stam is afkomstig van Job; ik geloof dat Mensor tot
de laatste stam behoort. Job leefde vóór het gebruik van de
besnijdenis en lang vóór Abraham (fasc. 17, nr. 664, voetnoot
311). Hij was een rechtvaardig man en een voorafbeelding van
de Kerk. Zijn geschiedenis is historisch gedeeltelijk anders
dan ze beschreven is en gedeeltelijk ook zinnebeeldig, doch
ook in deze betekenis en vorm is ze door de H. Geest
ingegeven.
Hier noemde de zienster verscheidene trekken uit het leven van
Job, die zij zeer treffend op de lotgevallen van de H. Kerk
toepaste, b.v. zijn zitten op de vuilnisbelt; een betekenis hebben
de vrienden en dochters van Job.
Het beest ‘Leviatan’ beduidt ook, zoals de draak, het boze, de
zonde, de duivel.
Elke zonde heeft haar beeld in een dier;
zelfs de kleinste dagelijkse zonden worden door een vreselijk
dier verzinnebeeld; ik voor mij zie het dikwijls op of bij de
personen zitten, die ze bedrijven, of ik zie ze zich aan hun
klederen vasthechten.
Ook op mijzelf zie ik dikwijls zulke afschuwelijke insecten.
(Voor kwaad of zonde verzinnebeeld door walgelijke dieren of 
insecten, zie fasc. 10, nr. 294, voetnoot 90b).  
Fascikel 27
3046