background image
Een paar 100 meters ten oosten van die markt lag een van de meest
grandioze theaters van de wereld (13). De ligging was allergelukkigst
gekozen. Zelfs van de laagste zitplaatsen van het halfrond overziet men
de hele vallei en verder door de noordelijke opening heel het landschap
in de richting van de zee. In totaal waren er 23.000 plaatsen (cfr. D.B.
Suppl. k. 1096). In dit theater en op de juist vermelde agora zijn te
situeren de taferelen uit Hand. 19, 18 40.
De tempel van Serapis wordt aangeduid door 14, terwijl door 15 een
gebouw aangeduid wordt dat vermoedelijk een gymnasium is geweest.
Dicht daarbij, in de richting noordwesten, ziet men de sporen van de
verzande haven van Lysimachus (16), die de nieuwe stad stichtte.
Door de Romeinen gedempt, werd ze vervangen door een sportplein en
250 m naar het noordwesten verlegd (17).
Een kanaal verbond ze met de Kayster (18) en met de voorhaven. Even
ten oosten van de nieuwe haven (17) en het sportplein (16) ontdekte
men de resten van een machtig gebouwencomplex (19).
Zorgvuldige opgravingen van recente datum hebben uitgemaakt dat de
ruïne een overblijfsel is van termen en van een groots gymnasium, dat
van noord naar zuid 150 m in de lengte mat, het derde van de 4 grote
gymnasia van Efeze. De termen bij de haven grensden ten westen aan
het gymnasium.
Ten oosten behoorde ook het sportplein (16) tot het gymnasium (cfr. ‘t
H. L., oktober 1958, blz. 157). Aan de zuidzijde van deze grootse
gebouwen passeerde een brede zuilenweg of Arkadiane (20),
die het groot theater met de haven (17) verbond.
400 m ten noordwesten van het theater (13) verhief zich in het christelijk
tijdperk de dubbele kerk, toegewijd aan de Moeder Gods (21).
Hier werd op 22 juli 431, tijdens een algemene kerkvergadering, de
dwaalleer van Nestorius veroordeeld. Hij aanvaardde in Christus 2
personen en randde zodoende het goddelijk moederschap aan.
Die kathedraal bestond uit 2 kerken in de lengte achter elkander gelegen
(80 m bij 22 m). Op het stadsplan duidt het getal 22 een vierkante toren
aan, die beschouwd wordt als de gevangenis van de H. Paulus en van
andere martelaren; hij maakte van de stadsmuren deel uit.
Het getal 23 duidt het stadion aan, dat voor een deel op de noordelijke
helling van de Prionheuvel, voor een deel op stevige onderbouwen rust.
Fascikel 34
8